Gebiedsbiografie Stedendriehoek

Gebiedsbiografie met handvatten voor gebruik herkomstwaarde bij ruimtelijke opgaven in de Regio Stedendriehoek

Hoe is de Regio Stedendriehoek ontstaan, hoe is de historische gelaagdheid herkenbaar in het hedendaagse landschap en hoe kunnen we deze herkomstwaarde benutten als inspiratiebron voor de ruimtelijke opgaven van de toekomst? Deze drie vragen vormen de basis voor de integrale gebiedsbiografie die Strootman Landschapsarchitecten maakte in samenwerking met Martijn Horst (Neder I Land I Schap)  in opdracht van de Regio Stedendriehoek. De gebiedsbiografie met ontwikkelprincipes moet kaders en richting bieden aan het behouden van (landschappelijke) kwaliteit bij benodigde ruimtelijke ontwikkelingen.

Locatie

Gemeenten Apeldoorn, Deventer, Zutphen, Lochem, Brummen, Voorst, Epe, Heerde. I.s.m. provincies Gelderland en Overijssel; waterschappen Rijn en IJssel, Drents Overijsselse Delta, Vallei en Veluwe; Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening

Opdrachtgever

Regio Stedendriehoek

Partners

Neder│land│schap

Oppervlakte

118.300 ha.

Ontwerpjaar

2026

In de Regio Stedendriehoek komen de identiteiten van Salland, de Achterhoek, de Veluwe en de IJsselvallei samen. Wie door de oogharen naar het natuurlijke systeem kijkt, ziet een krachtige gemene deler: drie natuurlijke hoogtes – de stuwwallen van de Veluwe en de Sallandse Heuvelrug, en het plateau van Winterswijk – omsluiten één centrale vallei. In deze vallei stromen de lange lijnen uit de regio samen: de Berkel, de Schipbeek, de weteringen, de sprengenbeken en de IJssel. Het is een afwisselend landschap van dekzandruggen, rivierduinen, komkleigronden en broekmoerassen dat de basis vormt voor duizenden jaren menselijke bewoning.

image-part
image-part

Om de ontstaansgeschiedenis en de ruimtelijke transformatie inzichtelijk te maken voor een brede doelgroep, is de gebiedsbiografie opgebouwd als een atlas met vier chronologische tijdsvensters:

  1. Natuurlijke landschappen en prehistorische bewoning (< 500 na Chr.): Het ontstaan van het natuurlijke systeem, de doorbraak van de IJssel en de sporen van de vroegste menselijke bewoners (zoals grafheuvels en raatakkers).
  2. Middeleeuwse dorpslandschappen en de opkomst van de steden (500–1800 na Chr.): De blauwdruk van ons cultuurlandschap. Het ontstaan van meer dan tachtig buurtschappen en dorpen, de vorming van marken, de opkomst van de Hanzesteden Deventer en Zutphen, en de eerste grote waterwerken.
  3. Moderne landschappen en verstedelijking (> 1800 na Chr.): De ontginning van woeste gronden, de aanleg van kanalen en infrastructuur, ruilverkavelingen en de groei van steden en dorpen.
  4. Ruimtelijke opgaven en ontwikkelprincipes voor de toekomst (tot 2050): De vertaalslag van herkomstwaarde naar inspiratiebronnen voor de grote transitievraagstukken van nu.

De Regio Stedendriehoek staat voor grote ruimtelijke uitdagingen op het gebied van wonen, klimaatadaptatie, natuur, energie en de transitie van het landelijk gebied. Om deze opgaven gebiedseigen te verankeren, zijn de cultuurhistorische en aardkundige waarden vertaald naar concrete ontwikkelprincipes. Deze principes rusten op de leidende uitgangspunten van de regio:

  1. Natuurlijk systeem als basis: Het herstellen van de sponswerking en het volgen van de logica van het watersysteem (water en bodem sturend).
  2. Identiteit als basis: Het behouden en versterken van de karakteristieke waarden en structuren van de steden, es- en enkdorpen, IJsselhoeven en landgoederenzones.
  3. Zorgvuldig en meervoudig ruimtegebruik: Zuinig omgaan met waardevolle bodems, compact bouwen en het herstellen van de stad-landrelaties in de dorps- en stadsranden.
image-part

Als 'vingeroefening' en uitnodiging voor gebiedsprocessen bevat de biografie daarnaast 50 vrije denkrichtingen: concrete, historisch geënte ideeën en kansen om de ruimtelijke kwaliteit van de Stedendriehoek in de toekomst te versterken. Naast de biografie verscheen ook een podcast.